Controleren van laadstatus

OSVQ014137
  1. Controlelampje laadsysteem

  2. Stand-by/ontgrendelen

  3. Beginnen met opladen/opladen

  4. Gepland laden

  5. Opladen mislukt

Bij het laden van de hoogspanningsbatterij kan het laadniveau van buiten de auto worden gecontroleerd.

Kleur

Tijd

Opmerkingen

Hemelsblauw

Constant

Het controlelampje brandt continu wanneer de laadklep open is of wanneer het voertuig in de stand-bymodus staat.

Knippert

Het controlelampje knippert wanneer de laadstekker is aangesloten en het voertuig met de oplader communiceert.

Groen

Constant

Het controlelampje brandt continu wanneer het oplaadniveau 100% bereikt.

Knippert

Het controlelampje knippert tijdens het opladen.

Het controlelampje knippert langzamer naarmate het laadniveau van het voertuig toeneemt.

Oranje

Constant

Het controlelampje brandt continu wanneer gepland laden is ingesteld.

Rood

Knippert

Het controlelampje knippert als iets het opladen verhindert vanwege een probleem met het voertuig of de oplader.

Onder de volgende omstandigheden vindt opladen mogelijk niet plaats:

  • Wanneer de transmissie niet in P-stand (parkeren) staat.

  • Als er een probleem is met het interne laadsysteem van het voertuig.

  • Wanneer de temperatuur van de interne batterij van het voertuig te hoog is.

  • Als de temperatuur van de externe lader te hoog of te laag is.

  • Wanneer de spanning van de externe lader te hoog of te laag is.

  • Als de kabel van de externe lader niet juist is aangesloten.

OPMERKING
  • Om verblinding van de bestuurder te voorkomen, kan de helderheid van de laadstatusindicator 's nachts zwakker zijn dan overdag.

  • Als de V2L-functie niet wordt gebruikt zoals gespecificeerd in de handleiding, kan de laadstatusindicator rood knipperen.