Storingen en beperkingen van het Slim regeneratief remsysteem

Storing slim regeneratief remsysteem

OOV055207L
  1. Controleer slim terugwinningssysteem

Deze melding wordt weergegeven wanneer het slim regeneratief remsysteem niet normaal werkt.

Het systeem wordt geannuleerd en de aanduiding ( ) op het instrumentenpaneel verdwijnt en in plaats daarvan wordt het regeneratieve remniveau weergegeven.

Controleer of er zich vervuilingen op de radar aan de voorzijde bevinden. Verwijder modder, sneeuw of vuil dat de radarsensoren kan hinderen.

Laat het voertuig nakijken door een professionele werkplaats als het systeem nog steeds niet naar behoren werkt. Kia raadt aan om een officiële Kia-dealer of servicepartner te bezoeken.

Beperkingen van het slim regeneratief remsysteem

Beperkingen van het slim regeneratief remsysteem

Figuur 1. U rijdt op een bochtige weg
OOV045019_2
OOV045020

Wanneer u een bocht neemt, zal het systeem een voertuig in uw rijstrook mogelijk niet detecteren en zal het regeneratief remniveau automatisch worden verminderd, waardoor u het gevoel krijgt dat de auto versnelt.

Daarnaast zal het regeneratief remniveau automatisch worden verhoogd als het systeem de voorligger plotseling wel weer detecteert, zodat u voelt dat de auto afremt.

Als bestuurder moet u een veilige remafstand aanhouden en indien nodig het rempedaal intrappen om snelheid te minderen om een veilige afstand te bewaren.

Het slim regeneratief remsysteem kan een voertuig op een naastgelegen rijstrook detecteren wanneer u op een bochtige weg rijdt. In dit geval verhoogt het systeem het remniveau en vertraagt het voertuig.

Let tijdens het rijden altijd op de weg en de rijomstandigheden. Trap indien nodig het rempedaal in om snelheid te minderen en zo een veilige afstand te bewaren. Trap indien nodig ook het gaspedaal in om te voorkomen dat het systeem uw voertuig onnodig snelheid laat verliezen.

Controleer altijd de verkeersomstandigheden rond uw auto.

Figuur 2. Rijden op een helling
OOV045021

Wanneer u naar boven of beneden rijdt op een helling, zal het systeem de voorligger in uw rijstrook mogelijk niet detecteren en zal het regeneratief remniveau automatisch worden verminderd, zodat u voelt dat de auto versnelt.

Daarnaast zal het regeneratief remniveau automatisch worden verhoogd als het systeem de voorligger plotseling wel weer detecteert, zodat u voelt dat de auto afremt.

Als bestuurder moet u een veilige remafstand aanhouden en indien nodig het rempedaal intrappen om snelheid te minderen om een veilige afstand te bewaren.

Figuur 3. Van rijbaan wisselen
OOV045022

Wanneer een voorligger van rijstrook wisselt, zal het slim regeneratief remsysteem het voertuig mogelijk niet onmiddellijk detecteren, vooral als het voertuig abrupt van rijstrook wisselt. In dit geval moet u een veilige remafstand aanhouden en indien nodig het rempedaal intrappen om snelheid te minderen om een veilige afstand te bewaren.

Figuur 4. Voertuigherkenning
OOV045023

Sommige voertuigen in uw rijstrook kunnen niet door de sensor worden herkend:

  • Smalle voertuigen zoals motorfietsen of fietsen

  • Voertuigen die aan de zijkant van de rijstrook rijden

  • Langzame voertuigen of plotseling afremmende voertuigen

  • Gestopte voertuigen (Wanneer de voorligger wegrijdt, detecteert het systeem een gestopt voertuig mogelijk niet.)

  • Voertuigen met een smalle achterzijde, zoals aanhangwagens zonder belading

Een voorligger kan in de volgende situaties niet correct worden herkend door de sensoren:

  • Als het voertuig naar achteren overhelt door een te zware lading in de bagageruimte

  • Tijdens het verdraaien van het stuur

  • Tijdens het rijden aan één kant van de weg

  • Tijdens het rijden op smalle wegen of in bochten

Trap indien nodig het rempedaal of het gaspedaal in.

WAARSCHUWING

Tref de volgende voorzorgsmaatregelen wanneer u het slimme regeneratieve remsysteem gebruikt:

  • Gebruik in noodgevallen altijd de remmen om het voertuig tot stilstand te brengen.

  • Houd een veilige afstand tot de voorligger aan, rekening houdend met de toestand van de weg en de snelheid van het voertuig. Een korte volgafstand bij hoge snelheid kan leiden tot een ernstige botsing.

  • Zorg dat u voldoende remafstand heeft en rem indien nodig af door het rempedaal in te trappen.

  • Het slim regeneratief remsysteem gebruikt radarsignalen om voorliggers te detecteren en te controleren. Het is niet ontworpen om tegenliggers, voetgangers, fietsen, motorfietsen of kleine objecten met wielen, zoals bagagekoffers, winkelwagens of kinderwagens, te detecteren.

  • Het systeem kan vertragingen ondervinden bij het reageren op voertuigen die vaak van rijstrook wisselen of kan reageren op voertuigen op aangrenzende rijstroken. Wees altijd aandachtig tijdens het rijden en voorbereid op onverwachte situaties.

  • Het slim regeneratief remsysteem herkent complexe rijscenario's mogelijk niet. Houd voortdurend de wegomstandigheden in de gaten en pas de snelheid van uw voertuig zo nodig aan.

OPMERKING

Het slimme regeneratieve remsysteem kan tijdelijk niet werken ten gevolge van:

  • Elektrische storing

  • Wijziging van de ophanging

  • Verschillen in bandenslijtage of -spanning

  • De montage van verschillende banden