Voorzorgsmaatregelen AWD

Banden

Let altijd goed op de banden van AWD-voertuigen.

Vierwielaandrijving oefent aandrijfkracht uit op alle vier de wielen, wat betekent dat de toestand van de banden de rijprestaties sterk beïnvloedt:

  • Zorg er bij het vervangen van de banden voor dat alle vier banden dezelfde maat, hetzelfde type, hetzelfde profiel, hetzelfde merk en hetzelfde draagvermogen hebben. Rust uw voertuig niet uit met banden van een andere maat of een ander type dan de banden die oorspronkelijk op uw voertuig waren gemonteerd. Dit kan de veiligheid en prestaties van uw voertuig nadelig beïnvloeden, wat kan leiden tot ernstig letsel doordat de auto onbestuurbaar wordt of over de kop slaat.

  • Verwissel de banden voor en achter elke 10.000 km (6.000 mi).

  • Controleer de bandenspanning maandelijks bij lage buitentemperaturen en houdt de spanning aan die op het Kia-plaatje of het bandenspanningslabel staat aangegeven.

  • Monteer sneeuwkettingen op alle vier de banden van uw AWD-voertuig en houd uw rijafstand zo kort mogelijk om schade aan het AWD-systeem te voorkomen. Voor meer informatie, zie Rijden in de winter.

Slepen

OOV065009
OOV065010_2
  1. Wieldolly's

LET OP

Een AWD-voertuig mag nooit met wielen op de grond worden gesleept. Gebruik altijd wieldolly's of een autoambulance. Indien niet, kunnen het elektrische systeem en het AWD-systeem ernstig beschadigd worden.

Voor meer informatie, zie Slepen.

Controle van de auto

  • Als de auto op een hefbrug staat, beweeg de voor- en achterwielen dan niet los van elkaar. Bedien alle vier de wielen samen.

  • Activeer de handrem nooit terwijl de auto op een hefbrug staat, omdat dit het AWD-systeem kan beschadigen.

WAARSCHUWING

Uw auto is uitgerust met banden die het besturen en rijden in uw auto veiliger maken. Gebruik geen banden en wielen met een andere maat of van een ander type dan de banden en wielen die oorspronkelijk op de auto zaten. Dit kan de veiligheid en prestaties van uw auto nadelig beïnvloeden, wat kan leiden tot ernstig letsel doordat de auto onbestuurbaar wordt of over de kop slaat. Zorg er bij het vervangen van de banden voor dat alle vier de banden en wielen dezelfde maat, hetzelfde type, hetzelfde profiel en hetzelfde merk hebben en hetzelfde draagvermogen.

LET OP

Een opgekrikte auto

Start nooit de motor en laat de banden nooit ronddraaien wanneer een AWD-voertuig op een krik staat. Als draaiende banden de grond raken, kan uw auto de krik doen bewegen en naar voren springen.

TIP

Een AWD-voertuig kan niet worden gesleept met een takelwagen. Gebruik alleen een wielheffer of een dieplader.

Rollenbanktest

Voertuigen met vierwielaandrijving moeten worden getest op een speciaal vierwielaangedreven rollenbank.

OOVGT065001
  1. Rollenbank

  2. Tijdelijk vrij draaiende rollen

Als u een 2WD (tweewielaangedreven)-rollenbank moet gebruiken, voert u de volgende procedure uit:

  1. Controleer of de bandenspanning aan de specificaties voldoet.

  2. Plaats de aangedreven wielen op de rollenbank (1) voor een snelheidsmetertest.

  3. Ontgrendel de parkeerrem.

  4. Plaats de niet-aangedreven wielen op de tijdelijke vrij draaiende rol (2).

WAARSCHUWING

Rollenbanktest

  • Gebruik geen banden en wielen met een andere maat of van een ander type dan de banden en wielen die oorspronkelijk op uw auto zaten. Dit kan namelijk de veiligheid en prestaties van uw auto nadelig beïnvloeden, wat kan leiden tot ernstig letsel doordat de auto onbestuurbaar wordt of over de kop kan slaan.

  • Start een AWD-voertuig nooit of laat de motor van een AWD-voertuig nooit draaien terwijl het op een krik staat. Het voertuig kan van de krik afglijden of rollen, waardoor u of omstanders ernstig of dodelijk letsel zouden kunnen oplopen.

  • Blijf uit de buurt van de voorkant van het voertuig als het in de versnelling op de rollenbank staat. De auto kan vooruit springen en ernstig of dodelijk letsel veroorzaken.

TIP

Activeer nooit de handrem tijdens het uitvoeren van deze tests.