Opheffen

De functie Noodstop wordt opgeheven wanneer er aan de volgende voorwaarden is voldaan.

Waarschuwingsmelding: Rij voorzichtig

  • De bestuurder richt zich op de weg die voor ons ligt en bestuurt het stuur

  • Als het gaspedaal krachtig wordt ingetrapt en vastgehouden

  • Als het rempedaal krachtig wordt ingetrapt

  • Als de knop Hulp bij rijbaan volgen ( ) is ingedrukt

  • Als de knop Bestuurdersassistentie is ingedrukt

  • De knop voor Alarmknipperlichten is ingedrukt na het stoppen.

  • Het bestuurdersportier is open

LET OP

Nadat het voertuig vanwege een noodstop tot stilstand is gekomen, moet het voertuig opnieuw worden gestart om Hulp bij rijbaan volgen of Rijhulp op de snelweg te activeren.