Smart Key

OOV035425L

Vergrendelen (1)

Alle portieren worden vergrendeld als de vergrendelknop wordt ingedrukt terwijl alle portieren zijn gesloten.

De alarmknipperlichten knipperen een keer om aan te geven dat alle portieren zijn vergrendeld.

Als er echter een portier of de motorkap of de achterklep nog is geopend, werken de alarmknipperlichten niet. Als alle portieren, de achterklep en de motorkap zijn gesloten nadat op de vergrendelknop is gedrukt, knipperen de alarmknipperlichten eenmaal.

Ontgrendelen (2)

Druk op deze vergrendelknop om alle portieren te ontgrendelen.

De alarmknipperlichten knipperen tweemaal om aan te geven dat alle portieren ontgrendeld zijn.

Na het indrukken van deze knop zullen de portieren automatisch worden vergrendeld, tenzij u binnen 30 seconden een van de portieren opent.

Achterklep ontgrendelen/elektrische achterklep openen, sluiten (3)

Als u deze knop langer dan een seconde ingedrukt houdt, wordt het slot ontgrendeld of wordt de achterklep geopend, afhankelijk van de opties van de auto.

Als de achterklep wordt geopend en gesloten, zal hij automatisch vergrendelen.

Starten op afstand (4)

U kunt de auto starten met de knop starten op afstand (4) van de smart key.

Doe het volgende om de auto op afstand te starten:

  • Vergrendel de portieren door binnen 10 m (32 voet) afstand van de auto op de portiervergrendelknop (1) te drukken.

  • Houd de knop starten op afstand binnen 4 seconden na het vergrendelen van de portieren 2 seconden ingedrukt.

Druk eenmaal op de knop starten op afstand om de auto uit te schakelen.

Als er geen verdere handelingen worden uitgevoerd om de auto te besturen of ermee te rijden, wordt de auto 10 minuten na het starten op afstand uitgeschakeld.

Remote Smart Parking Assist (RSPA, slimme parkeerhulp op afstand) (5, 6) (indien van toepassing)

De Remote Smart Parking Assist (RSPA, slimme parkeerhulp op afstand) helpt bestuurders met het semi-automatisch parkeren van hun auto door het gebruik van sensoren die parkeerplaatsen meten en door het stuurwiel, de transmissie en de voertuigsnelheid te regelen.

Met de smart key kan de bestuurder de auto vooruit of achteruit bewegen met behulp van de vooruit/achteruit-toets.

Voor meer informatie, zie Slimme parkeerhulp op afstand 2 (RSPA 2).

Starten

U kunt de auto starten zonder de sleutel in het contactslot te steken.

Voor meer informatie, zie EV-toets.