AUTO HOLD inschakelen

OOV045009
OOV045008
  1. Trap het rempedaal in en start de auto.

  2. Druk op de AUTO HOLD-toets. Het witte controlelampje AUTO HOLD gaat branden om aan te geven dat het systeem in stand-by staat.

    Voordat AUTO HOLD kan worden ingeschakeld, moeten het bestuurdersportier, de achterklep en de motorkap gesloten zijn.

OPMERKING
  • Wanneer u de auto door het intrappen van het rempedaal volledig tot stilstand brengt, verandert het controlelampje AUTO HOLD van wit in groen om aan te geven dat AUTO HOLD actief is. De auto blijft stilstaan, zelfs wanneer u het rempedaal loslaat.

  • Als EPB wordt toegepast, wordt AUTO HOLD vrijgegeven.

  • Als u het gaspedaal intrapt met de auto in D (rijden) of R (achteruit), wordt AUTO HOLD automatisch vrijgegeven en begint het voertuig te rijden. Het controlelampje verandert van groen in wit om aan te geven dat AUTO HOLD in de stand-bymodus staat en de EPB is ontgrendeld.

  • Wanneer u vanuit AUTO HOLD wegrijdt door het gaspedaal in te trappen, moet u altijd de omgeving van uw auto controleren.

  • Trap het gaspedaal langzaam in, zodat u soepel kunt wegrijden.