Electronic Stability Control (ESC) (elektronische stabiliteitsregeling)

De Elektronische stabiliteitsregeling (ESC) is ontworpen om de stabiliteit van de auto in bochten te verbeteren.

OOV045014
WAARSCHUWING

De ESC is geen vervanging voor veilige rijgewoonten. Factors zoals de snelheid, conditie van de weg en stuurcommando’s van de bestuurder hebben invloed op de mate waarin ESC verlies van controle over de auto kan voorkomen.

ESC ingeschakeld

  • Als het voertuig aan wordt gezet, gaan de controlelampjes ESC en ESC OFF gedurende ongeveer 3 seconden branden, waarna ESC wordt ingeschakeld.

  • Als de ESC in werking treedt, gaat het ESC-indicatiekampje ( ) knipperen. Als de ESC goed werkt, voelt u mogelijk lichte trillingen in de auto. Dit wordt veroorzaakt door het aansturen van de remmen en is normaal. Wanneer u de modder verlaat of op een gladde weg rijdt, kan het zijn dat u het gaspedaal niet intrapt, waardoor de auto niet accelereert.

ESC UIT

  • Deze auto heeft 2 standen waarin de voertuigstabiliteitsregeling is uitgeschakeld. Als de auto stopt als ESC uit staat, blijft ESC uit staan. Pas wanneer de auto opnieuw wordt gestart, zal de ESC automatisch weer worden ingeschakeld.

  • Om de anti-doorslipregeling uit te schakelen en alleen de remsysteemregelfunctie van de ESC te bedienen, drukt u gedurende ongeveer een halve seconde op de knop ESC OFF. Het indicatielampje ESC OFF ( ) zal verschijnen en het waarschuwingsgeluid zal klinken.

  • Om de anti-doorslipregeling en de remsysteemregelfunctie van de ESC uit te schakelen, houdt u de knop ESC OFF langer dan 3 seconden ingedrukt. Het indicatielampje ESC OFF ( ) zal verschijnen en het waarschuwingsgeluid zal klinken. In deze stand werkt de stabiliteitsregeling van de auto niet meer.

  • Druk weer op de ESC UIT-knop om de ESC weer in te schakelen. Het indicatielampje ESC OFF ( ) gaat uit.

WAARSCHUWING
  • Draag voor maximale bescherming altijd uw veiligheidsgordel. Geen enkel systeem, ook al is het nog zo geavanceerd, kan een oplossing bieden voor alle bestuurdersfouten en rijomstandigheden. Rijd altijd op een verantwoorde manier.

  • Rij voorzichtig, ook al is uw auto voorzien van elektronische stabiliteitsregeling. Het systeem kan u slechts in bepaalde omstandigheden helpen de controle te behouden.

  • Als de ESC wordt uitgeschakeld, verliest het voertuig grip en stabiliteit als u tijdens het rijden plotseling aan het stuurwiel trekt. Mogelijk maakt de band contact met naburige onderdelen ervan aan. Voor uw veiligheid raden we u aan de ESC niet uit te zetten tijdens het rijden.

OPMERKING
  • Na het starten van de auto en het wegrijden, kan er in de voertuigruimte een klikkend geluid hoorbaar zijn. Deze voorwaarden zijn normaal en geven aan dat het ESC naar behoren functioneert.

  • Schakel het ESC uit (controlelampje ESC OFF brandt) als de auto op een rollenbank getest wordt. Als de ESC aan blijft staan, kan de snelheid mogelijk niet verhoogd worden, waardoor een foutieve diagnose zou kunnen worden gesteld.

  • Het uitschakelen van de ESC heeft geen gevolgen voor een correcte werking van het ABS en het remsysteem.